Liegen lijkt een geaccepteerd verschijnsel in de politiek. Ik noem de vergeten miljarden van de Olympische Spelen, het toneelspel van de vastgelopen catshuis-onderhandelingen, de bewering dat het Polen-meldpunt slechts een partijkwestie is. Er zijn zo veel leugens, dat ze mij niet eens meer opvallen en daarom zelfs niet te binnen schieten wanneer ik er over nadenk. Liegen en politiek bedrijven gaan hand in hand, zeker als het partijbelang -en daarmee het eigenbelang- in het geding is.

Zo werd in NRC dit weekend in een bijzin gesuggereerd, dat de reden waarom tweede kamerleden van het CDA akkoord gaan met radicale voorstellen en weg kijken bij onwaarheden, misschien wel ligt in het feit dat ze niet meer zeker zijn van hun baan. De peilingen zijn zo dramatisch, dat driekwart van de fractie op straat dreigt te komen na eventuele verkiezingen. Wellicht ben ik wat naïef, maar dat een kabinet in stand wordt gehouden vanwege de angst voor baanverlies van tweede kamerleden, vind ik zelfs in het huidige politieke klimaat best opmerkelijk. NRC blijkbaar minder, gezien het gegeven dat het slechts om een opmerking in een bijzin ging.

Liegen mag dan een geoorloofd verschijnsel zijn als het gaat om baanbehoud van politici, voorkomen moet worden dat deze mentaliteit overslaat op het gewone volk. Politici kunnen niet wegkijken of bagatelliseren wanneer anderen zich van onwaarheden bedienen, want dan is het zo lastig om de rechtsstaat te handhaven. Daarom worden individuen opgevoerd en afgestraft vanwege hun leugens. Dan zegt een minister Leers bijvoorbeeld dat Mauro als 10-jarige gejokt heeft. Jokken mag niet in dit Nederland en dus moet Mauro weg.

Met die uitspraak slaat minister Leers vervolgens een aantal vliegen in één klap: het is voor het hele land duidelijk dat er normen en waarden zijn waar het vòlk zich aan dient te houden, de gedoogpartner PVV steekt de stekker net weer even wat steviger in het kabinet, èn hij geeft zichzelf en de totale CDA fractie weer een baangarantie voor de komende zes maanden. Zo dient de leugen van de individuele asielzoeker Mauro, het collectieve belang van dit kabinet.

Die jongen verdient een lintje. In 2013 persoonlijk op te spelden door Nederlandse ambassadeur in Angola.

Advertenties